Een sluier vouwt zich omheen mijn zintuigen.
Een lichte mist vertroebelt mijn zicht.
De wereld is nog steeds hetzelfde,
grosso modo alleszins.
Toch begin ik haar anders te ervaren,
alsof…
de hoeken iets te scherp zijn;
de lijnen iets te ver weg.
Er klinkt een stem in de lucht,
een fluistering zonder oorsprong.
De ruimte trilt met geluiden die ik niet kan plaatsen;
de contouren vervagen
en ik vraag me af:
Is dit echt?
Of is het iets dat ik niet meer kan vertrouwen?
Mijn voeten voelen zwaarder,
drempels lijken hoger,
de deuropening een grens,
die ik amper durf over te steken.
Mensen in de straat;
vertrouwd en toch…vreemd.
Sommigen dragen een masker.
Maskers met een code,
die ik niet kan ontcijferen.
Tijd is als een sterke elastiek,
elke seconde lijkt eeuwig rekbaar.
Ik weet niet meer of ik hier ben of daar,
of ik wel werkelijk ben waar ik ben?
Het appartement lijkt kleiner,
de muren sluiten me in;
toch ben ik niet in staat om het te verlaten.
De stilte is zwanger van betekenis;
de ruimte lijkt gevuld met wat ik niet kan grijpen.
Het besef komt
als een koude rilling over mijn huid:
de grip op de realiteit vervaagt,
de twijfels stapelen zich op,
de onzekerheid is alomtegenwoordig.
En ik blijf zitten,
wachtend op het onvermijdelijke,
dat zich langzaam sluipend
aan me opdringt.
Reactie plaatsen
Reacties